Ze fietsen nog altijd, Jan Groenteman en Joram Pach.
Het is afzien, zo blijkt uit hun dagboekbrieven, die ik, tante, als enige ontvang.
Wat een narigheid, en het zijn ook nog van die magere jongens!
Wind en regen tegen in Duitsland, lekke banden, kapotte bagagedragers, gebroken spaken in Denemarken, honger en kou en lelijke mensen teisteren de humeuren.
Maar ze houden vol.
En Jan (koosnaam in de famile JANTJE) dicht door.
Dag 7
di 13 juli
Dagebüll-Ribe 96 km
Verloren zocht ik naar de juiste woorden
maar ik zweeg in alle talen
de verhalen die ik kende leken plots niet meer te rijmen
met haar ogen die me alles zeiden
maar om klappen te vermijden
zei ik niets
en ongestoord liep ze bij mij vandaan
Dag 8
woe 14 juli
Ribe Oksb/ol 63 km
Als je er bijna bent
en er eer valt te behalen
als de diepe dalen overwonnen zijn
Als de laatste meters lonken
en je haast niet meer kan falen
als het goud al in de verte heeft geblonken
Als de tijd je bijna inhaalt
als het oordeel wordt geveld
Als je overal vanuit gaat
maar er nog niet is afgeteld
Houd je adem in en zwijg
tot je er bent
het hele end.