Tja, het uitleggen van een kaartspel mag zeker onder de grootste Loguitdagingen geschaard worden.
Ik krijg nu heel wat wanhopige loglezers in mijn mailbox die vast komen te zitten met dit geweldige spel, omdat ik het natuurlijk krakkemikkig uitleg.
Misschien helpt deze foto een beetje.
Kijk, we hebben dus vijf kaarten in onze hand.
Voor ons liggen (maximaal) vier rijtjes kaarten op parkeerplaatsen, zoals wij dat noemen.
Die moeten van hoog naar laag (in elk geval moet elke volgende kaart hetzelfde of lager zijn dan de vorige) afgelegd worden, maar eenmaal gelegd blijft gelegd. Dus je kan jezelf behoorlijk vastzetten daarmee.
Rechts naast je heb je je belangrijkste stapel, in het begin 12 kaarten, de bovenste altijd open.
De bedoeling is dat je die open kaart(en) zo snel mogelijk op een middenstapel krijgt.
Dat zijn de enige kaarten die jou naar de overwinning kunnen leiden.
Die parkeerplaatskaarten zijn hulpmiddelen.
Je mag ook kaarten van je parkeerplaatsen afpakken, als je zo bij je belangrijke stapelkaart kan komen.
En: heel belangrijk, je moet proberen de ander te verhinderen haar/zijn kaart in het midden te leggen.
TE ALLEN TIJDE.
Dat is de clou van het spel.
Joker telt voor alles.
De Aas móet je in het midden opleggen als je hem trekt, andere kaarten mag je gewoon vasthouden zo lang als jij wilt.
Ook van de parkeerplaatsen, als je daarmee de ander pest.
Voor elke volgende beurt mag je van de stock (die af en toe wordt aangevuld met de afgewerkte middenstapeltjes, van Aas tot Heer) je hand aanvullen tot 5.
Als je in één beurt 5 kaarten kan wegleggen, in het midden en op je parkeerplaatsen, mag je meteen 5 nieuwe kaarten pakken. Je hoeft NOOIT met een lege hand te zitten.
Ik wacht de reacties wel weer af.
Ik heb toch nog geen werk.