Hierboven zien jullie een foto van mijn ouders en hun beste vrienden. Chel Groenteman en Elly Smit (links), rechts Herman Rabbie en zijn verloofde Alie. Twee jonge stellen, voor de oorlog.
Chel en Elly zouden in 1937 trouwen, twee kinderen krijgen. Herman en Alie zijn nooit getrouwd, zijn weggehaald en vergast.
Chel en Elly woonden in de Diamantbuurt, in de Smaragdstraat, op één en respectievelijk twee hoog.
Zo hebben ze elkaar leren kennen. Zij was zestien, hij eenentwintig. En later, na ettelijke aanzoeken en bossen rozen van de kant van Chel heeft Elly uiteindelijk toegestemd in de verloving.
Ze zouden tot de dood hen scheidde (op zijn 66ste) gelukkig met elkaar zijn.
Ik schrijf dit met de onderbuik (fysiek een knap staaltje!), omdat ik zo intens woedend en verdrietig word van het bericht dat in de Smaragdbuurt kleine klootzakjes nog steeds bezig zijn bewoners het leven zuur te maken.
Dat een joodse man bedreigd zou zijn door kleine (12, er jaar!!) Marokkaantjes en geen aangifte durft te doen uit angst voor represailles. Oudere mensen, hoorde ik op de radio, durven de straat niet op omdat, als je per ongeluk zo'n groepje aankijkt, ze op je afkomen en dreigend vragen "of er wat is?"
Er zijn ook mensen die niks merken, die wonen toevallig een straatje verderop, maar de autovernielingen, diefstallen, bedreigingen bederven toch de rust in deze mooie buurt. En dit alles een jaar na de verhuizing-onder-dwang van Bert en Marja!
Hoe is het mogelijk dat een gigantische bestuursstructuur, een enorm politie-apparaat, een massa verontwaardigde burgers niet in staat zijn een clubje donderjagende kleuters te temmen?
Waar zijn hun ouders? Worden die aangesproken? Worden die gedwongen schade te vergoeden?
Waar zijn al die hulpverleners die zakken geld gekregen hebben om de orde in de buurt te herstellen?
We zijn het aan Chel en Elly en Herman en Alie verplicht om de Diamantbuurt, en alle buurten, volkomen veilig te maken.