No problem.
door Han Nefkens
Dubai is de overtreffende trap; het is de snelst groeiende stad ter wereld, een vijfde van alle hijskranen staat hier, er wordt voor honderd miljard dollar gebouwd.
Dubai heeft het grootste winkelcentrum in de wereld, de grootste overdekte skipiste en een aanplakbord met de afmeting van de Dam kondigt midden in de woestijn aan dat History is Rising want daar komt het hoogste gebouw ooit. De Burj Dubai zal meer dan 800 meter zijn maar hoe hoog precies wordt geheim gehouden zodat die eer niet kan worden weggeritst door een ander land waar in de tussentijd een hoger gebouw wordt neergezet.
Er is een Aviation City in aanbouw, een Health Care City, een Flower City, een Arabisch Disneyland en een Silicone Oasis wordt uit het zand gestampt. Er wordt gewerkt aan een van de zee ontwonnen landcomplex in de vorm van een palmboom en een in de vorm van de wereld waar over tien jaar 250,000 mensen moeten wonen
Ook wat kitsch betreft staat Dubai bovenaan: binnenkort is Chess City klaar, twee en dertig flats van vier en zestig verdiepingen in de vorm van schaakstukken, daarnaast komt een gebouw van zestig etages in de vorm van Big Ben.
Honderdduizenden bouwvakkers uit India en Pakistan werken aan deze Arabische Metropolis. Hun families moeten ze achterlaten, zo gauw hun contract is beëindigd worden ze op het vliegtuig terug naar huis gezet. Ze verdienen nog geen 250 euro per maand, de prijs van een overnachting in een van de luxe hotels aan de Rivièra van de Emiraten. Met zijn vieren delen ze een kamertje van vijftien vierkante meter in het industriegebied van Al Quoz vanwaar ze met bussen naar de verschillende delen van Dubai worden vervoerd.
We wandelen door de Marina, een wijk in aanbouw rondom een jachthaven met restaurants, cafés, hotels, kantoorgebouwen, woningen en winkelcentra want daar kun je er nooit genoeg van hebben. De gebouwen zien er verlaten uit, half af lijken ze heel dood. Ik wil een foto maken van een groep bouwvakkers in hun parelgrijze werkpakken maar iets houdt me tegen. Hoe zou ik het vinden wanneer een toerist fotos van mij maakt omdat ik zo pittoresk afsteek tegen mijn omgeving? Maar ze wenken me en een van hen vraagt of ik een foto van hem en zijn vrienden wil maken. Ze gaan er voor staan en kijken recht in de lens. De woordvoerder vertelt dat hij uit India komt, zijn vriend, om wie hij zijn arm heeft geslagen komt uit Pakistan. Maar dat is niet erg, legt Anish uit, no problem.
Hij vraagt hoeveel mijn fototoestel heeft gekost. Ik weet het nog precies, ik kocht het een paar dagen voordien in Qatar toen mijn oude camera het begaf door de vloek van de gesluierde vrouw die ik trachtte te fotograferen. Maar ik durf het niet te zeggen, de camera kost een half jaar van zijn salaris, dus ik haal mijn schouders op en trek een onnozel gezicht.
Dan wil Anish weten hoeveel ik verdien, wat niet meer dan eerlijk is als ik in de Khaleej Times kan lezen hoeveel hij en zijn collegas verdienen. Laf als ik ben mompel ik dat ik genoeg verdien om van te leven en ik probeer de aandacht af te leiden door nog wat fotos te maken, nu van dicht bij. Ik laat hen de fotos zien, ze steken hun duim op en lachen tevreden. Ik vraag hun adres om ze de fotos op te sturen maar dat is onpraktisch, in hun kamp komt geen post aan.
You look for me, no problem zegt Anish en daarmee geeft hij de essentie weer van de fotografie.
Even later staan we in de file, het verkeer in Dubai is even hopeloos als dat van Bangkok of Mexico City, er is geen moment waarop er geen files zijn en de snelweg is rond het spitsuur een groot parkeerterrein.
Naast onze auto staat een schoolbus met Indiase bouwvakkers. De meeste doezelen. Dan zie ik Anish, zijn hoofd rust op zijn armen, hij heeft zijn ogen half gesloten maar wanneer hij ons ziet verschijnt een brede glimlach op zijn gezicht en maakt hij met zijn hand een gebaar alsof hij een foto van ons maakt. Ik zwaai terug en pak mijn toestel om de fotos op te zoeken die ik van mijn vriend heb gemaakt.
Ik kijk voor hem, no problem.