Vanavond beluister ik via de site van de VPRO een aantal bijdragen aan De Avonden (zaliger) van de schrijver
Thomas Verbogt, die ik ga interviewen over een toneelstuk dat hij schreef. Ik ken zijn werk nauwelijks en nu ik me erin verdiep, en vooral nu ik ernaar luister (www.vpro.nl/avonden) vind ik dat nogal onbegrijpelijk. Verbogt heeft niet alleen een prachtig taalgebruik, hij is ook onontkoombaar grappig en tegelijk een beetje droef. Geweldig! Meer van lezen. Thomas Verbogt. Google maar wat.
Terwijl ik zit te luisteren blader ik door de nieuwste editie van de Poezenkrant. Bekend? De allerleukste periodiek over het verschijnsel POES, samengesteld en vormgegeven door Piet Schreuders (die ook de VPRO-gids lay-out en het mooie Grote Poezenboek heeft gemaakt). De Poezenkrant verschijnt sinds 1974 en wel volstrekt onregelmatig. Ik neem altijd een abonnement, alhoewel de hoofdredacteur dat afraadt, omdat hij wel eens helemaal nooit meer zou kunnen verschijnen. De voorlaatste was 2 jaar geleden, er staan dus ook ingezonden brieven in die slaan op fotootjes of artikeltjes van zo lang geleden.
Het nummer dat nu is verschenen is gedateerd voorjaar 2007, no. 52 (ik ben geabonneerd tot en met no. 53 als ik tijd van leven heb) en staat in het teken van de Felixpoes. Dat luistert nauw: het moet een zwarte poes zijn met een fikse witte driehoek in het gezicht. Mijn poes Piet voldoet dus niet aan de criteria, al komt hij in de richting.
Hieronder de omslag (of het omslag?) van de Poezenkrant en een paar pagina's. Het liefst zou ik hem helemaal posten, maar de echte liefhebber/-ster moet gewoon naar een hele goede erkende boekhandel gaan en ernaar vragen.
en, ok, geen raszuivere Felixkat, maar wel Mijn Poes Piet, in lekker groot formaat!