| |
Blokker
Vanochtend was het, dat ik Ineens dacht: IK MIS JAN BLOKKER. De Volkskrant zonder Blokker (en, als al eerder gezegd, zonder Remco Campert) en met steeds meer lifestyle (die ik niet heb) begint me te smaken als lauwe koffie met teveel melk (en ik hou van hete doppio). En toen viel, en de koffieshop-voor-echte-koffie het kwartje. Ik las Blokker, in de nrc.next. Ook veel lifestyle en compuweetjes, maar ook: ...juist.
En ik vond hem weer zo meesterlijk (long time no see) dat ik de hele column - veel te lange lap voor een weblog, maar ja - voor jullie post en een proefabootje ga nemen op nrc.next.
De Wildersdingetjes in de politiek
De rassenscheider met het bleekmiddelenhoofd maakte zich gisteren in de Tweede Kamer per interruptie voortdurend druk over de groeiende kloof tussen politiek en burger.
Verdachte taal, uit de bleekmiddelenmond.
Mij kan als hardwerkende Nederlander de kloof niet diep genoeg zijn. De manier waarop men het staatsbestel indertijd democratisch heeft ingericht, is mij altijd uitstekend bevallen. Samen met miljoenen medemensen ben ik de hele dag druk aan het werk, en s avonds help ik een kind opvoeden, nuttig de maaltijd waarvan ik de bereiding aan mijn vrouw heb gedelegeerd, lees ter ontspanning een boek, kijk naar een televisieprogramma dat volgens sommige politici niet door de beugel kan, en ga bijtijds naar bed, want morgen is het weer vroeg dag.
Zoals ik het eten aan mijn vrouw heb gedelegeerd, zo laat ik net als miljoenen andere hardwerkende stemgerechtigden, aan politici de taak over om te letten op het nationale huishoudboekje, op de kwaliteit van het onderwijs, op de volksgezondheid, op het terrorisme en op de betamelijkheid van televisieprogrammas.
Die twee dingen onze burgerarbeid en datgene wat ze in Den Haag doen moet je niet door mekaar halen. Ze hebben ook niets met elkaar te maken, want in Den Haag kunnen ze bijvoorbeeld niet wat ik voor mn brood doe (ik wil niet opscheppen, maar ik weet zeker dat geen van de honderdvijftig Kamerleden, of zestien ministers of elf staatssecretarissen in staat is een stukje te schrijven dat bij het mijne in de buurt komt) en ik zou me, zelfs tegen een beloning van drie maal de Balkenendenorm, nooit parlementair kunnen gedragen tegenover een racistische geachte afgevaardigde met een peroxidekapsel, of een van zijn racistische collaborateurs.
Toen de minister-president zijn eerste termijn had afgerond, keek Ferry Mingelen in de wandelgang rond of hij nog even iemand kon opvangen. Femke Halsema was eerst. Zij had het wel een goed debat gevonden, zei ze, afgezien natuurlijk van zo nu en dan een Wildersdingetje.
Een Wildersdingetje.
Zij benoemde daarmee de uitgebleekte apartheidsaanhanger, die er nog eens vurig een lans voor had gebroken om een boek te verbieden (dort wo man Bücher verbrennt, schreef Heine, verbrennt man am Ende auch Menschen), die Marokkanen consequent tuig noemde, die vreesde dat het geld van Truus en Wim wordt verkwist aan Fatima en Achmed, die voorspelde dat de premier over tien jaar door de geschiedenis zal worden gevonnist omdat hij Nederland aan de islam heeft uitgeleverd, en die trouwens al op de eerste dag van de Algemene Beschouwingen de aardige Troonredecreatie van mevrouw Vogelaar (zonder belachelijke hoed) had ontmaskerd als bijna een criminele boerka.
In de politiek noemen ze dat een Wildersdingetje. Als Janmaat (die door Pim Fortuyn nog eens is gerehabiliteerd als een nette man die in veel opzichten gelijk had) in de Tweede Kamer het woord kreeg, liepen de toenmalige Femkes Halsema weg, of ze lieten hem aankletsen. Maar Janmaat had één zetel. De bleekzuchtige racist heeft er negen, en als Maurice de Hond zn gelijk haalt, krijgt hij er de volgende keer negentien. Daarom wordt hij niet genegeerd, maar vergoelijkt als een Wildersdingetje.
Ontroerend was weer de peroratie van de minister-president over de samenhang en het respect dat wij allemaal voor elkaar zouden moeten koesteren, dus ook voor de aanstaande kiezers op Rita Verdonk en de peroxideracist. Maar ik pas er voor. En ik zou de Cliteurs, de Ellians, de Holmannen, de Pammen, de Winters, de Zwagermannen en al die andere dappere verdedigers van onze rechtsstaat willen smeken hun liberale stokpaarden even te verlaten, en in hun invloedrijke columns te gaan bepleiten dat de kloof tussen de hardwerkende burgerij, en de politiek van de dingetjes, onoverbrugbaar groot blijft.
Jan Blokker
22 09 07 - 01:15
|