Jan Blokker:
Ook bij Pechtold kwam het hoge woord er uiteindelijk niet uit
Eigenaardig dat tijdens het verkiezingsdebat niemand een poging deed om de mond te snoeren van de schreeuwlelijk aan tafel. Je moest een grote keel opzetten om over dat humorloze, verbeten Venloos heen te komen, daar niet van. Maar volume hadden de anderen genoeg – ze hadden alleen geen tekst. Louter redeloze fractievoorzitters lieten het geschreeuw over zich heen komen. Niet één met de intelligentie, de argumenten en het retorische talent om verder te komen dan ongearticuleerd terugroepen. Niemand bij machte om de winnaar met rationele taal in z’n eigen hoek te drijven.
Terwijl ze niet eens allemaal hadden verloren. GroenLinks kreeg er een zetel bij. De SP was niet achteruitgegaan. De VVD – kampioen van de vrije meningsuiting –loog dat ze hadden gewonnen. D66 klom van 1 naar 3. Alexander Pechtold mocht evenveel victorie kraaien als de schreeuwlelijk die het van 0 tot 4 had geschopt. Probeer vier maar eens door nul te delen.
Pechtold was ook de enige die een poging tot aanval deed. Hij herinnerde aan uitspraken over ‘stoottroepen’ die de tegenstander had gevormd, over ‘de miljoenen’ die nu klaar stonden om het werk te voltooien.
‘So what?’ schreeuwde de schreeuwlelijk.




